Inleiding
Dit document bevat informatie over de mogelijke oorzaken voor het verliezen van de draadloze verbinding, tips om het probleem te vermijden en algemene probleemoplossingen die u helpen om de draadloze verbinding van uw HP product te herstellen.
BELANGRIJK
: De informatie in dit document is bedoeld voor HP producten die al geïnstalleerd en geconfigureerd zijn voor een draadloze verbinding en die al een tijd lang draadloos hebben gefunctioneerd. Indien u uw HP product nog niet hebt geconfigureerd om in een draadloos netwerk te werken, ga dan naar
HP Klantenondersteuning
, typ uw productnummer in het zoekveld en blader dan naar het relevante ondersteuningsdocument om u te helpen bij de installatie van uw product in een draadloos netwerk.
Klik voor meer informatie op het plusteken (
). De volgende factoren kunnen de oorzaak zijn dat het HP product de draadloze verbinding verliest:
De netwerkverbinding is niet meer actief of heeft een zwakke signaalsterkte.
Het HP product gaat in de slaapstand of in de stand-by-modus.
Het HP product is buiten het bereik van de draadloze router geplaatst.
Een firewall voorkomt dat het HP product toegang krijgt tot de computer en het draadloze netwerk.
Een apparaat dicht in de omgeving dat radiosignalen uitstraalt (bijvoorbeeld een magnetron of draadloze telefoon) kan storing in de draadloze verbinding veroorzaken.
Een
VPN
(Virtual Private Network) verhindert dat het HP product de computer en het draadloze netwerk kan benaderen.
Met de volgende tips kunt u problemen met de draadloze verbinding voorkomen:
Plaats het HP product en de computer of het toegangspunt (router) dichter bij elkaar.
Verwijder alle metalen objecten tussen het HP product en de computer of het toegangspunt (router). Objecten zoals koelkasten of metalen boekenrekken kunnen van invloed zijn op draadloze overdracht.
Plaats apparaten die radiosignalen uitzenden verder weg van het HP product. Objecten zoals magnetrons en draadloze telefoons kunnen van invloed zijn op draadloze overdracht.
Zorg ervoor dat uw computer niet is verbonden met een
VPN
(Virtual Private Network). U zult uw HP product niet via uw draadloos netwerk kunnen bereiken zolang u verbonden bent met een VPN.
Algemene probleemoplossingen voor het herstellen van de draadloze verbinding
Hieronder volgt een lijst van stappen voor het oplossen van algemene problemen bij de draadloze verbinding van uw HP product.
Stap één: Een netwerkconfiguratiepagina afdrukken en controleren
Voor het oplossen van problemen met de draadloze verbinding dient u eerst een netwerkconfiguratiepagina of een testrapport van het draadloze netwerk af te drukken via het bedieningspaneel van uw HP product. Neem de volgende stappen om instructies te verkrijgen voor het afdrukken van een netwerkconfiguratiepagina (of testrapport van het draadloze netwerk) die specifiek voor uw product bedoeld zijn:
Typ uw productnummer in het zoekveld en klik op Volgende
. U moet mogelijk op uw model klikken in een lijst met vergelijkbare producten.
De pagina voor de productondersteuning wordt weergegeven.
Typ in het zoekveld "netwerkconfiguratiepagina" of "test draadloos netwerk" om te zoeken naar een document met de specifieke stappen voor uw product.
OPMERKING:Mogelijk kunt u ook de stappen in de gebruikershandleiding vinden. Klik op de ondersteuningspagina van het product op Handleidingen
om een lijst te zien van de beschikbare handleidingen voor uw HP product en klik dan op een handleiding om deze te openen en te bekijken.
Nadat u een netwerkconfiguratiepagina of netwerk testrapport hebt afgedrukt, controleert u het volgende:
Geeft de netwerkconfiguratiepagina of het netwerk testrapport aan dat er problemen zijn? Zo ja, volg de aanwijzingen op het rapport om het probleem op te lossen.
Geven de rapporten aan dat het HP product is verbonden met uw
draadloos netwerk? De naam van het netwerk waarmee het HP product is verbonden wordt genoemd op de netwerkconfiguratiepagina of het netwerk testrapport.
OPMERKING:Zorg dat het product met het correcte netwerk verbonden is en niet met een ander netwerk in de buurt (bijvoorbeeld dat van de buren).
Vergelijk het
IP-adres
van het HP product met het
IP-adres van de gateway
. Deze zouden een vergelijkbare indeling moeten hebben. Het IP-adres van de gateway kan bijvoorbeeld 192.168.0.1 zijn en het IP-adres van de printer 192.168.0.5. Als de printer een IP-adres heeft zoals 169.254.XXX.XXX of 0.0.0.0, dan is de printer waarschijnlijk niet met uw netwerk verbonden.
Controleer of het lampje van de draadloze verbinding op het bedieningspaneel van het HP product brandt of raadpleeg het testrapport van het draadloze netwerk om te controleren of de draadloze zender uitgeschakeld is. Zijn er onverwachte knipperende lampjes of foutmeldingen op het bedieningspaneel van het HP product? Raadpleeg de handleiding van het HP product voor informatie hoe problemen met knipperende lampjes kunnen worden opgelost. Ga naar
HP Klantenondersteuning
, typ uw productnummer in het zoekveld en zoek naar een relevant ondersteuningsdocument of de gebruikershandleiding om oplossingen voor het probleem te vinden.
Controleer de netwerkconfiguratiepagina voor een lijst van gevonden draadloze netwerken in uw omgeving. Staat uw netwerk er bij? Heeft uw netwerk een goede signaalsterkte? Controleer of uw netwerk in de lijst staat en of uw netwerk een goede signaalsterkte heeft.
Zijn er meerdere netwerken op hetzelfde kanaal dat u gebruikt of die een kanaal gebruiken dat dicht bij dat van u zit? Gebruik een kanaal dat ten minste 5 kanalen verwijderd is van het meest dichtbijgelegen kanaal. Overweeg het kanaal van uw draadloze router te wijzigen. Wij adviseren 1 of 11.
Als uw HP product niet is verbonden
met uw draadloze netwerk, ga dan door naar de volgende stap.
Als uw HP product wel is verbonden
met uw draadloze netwerk, ga dan direct door naar stap zeven om een automatisch hulpprogramma te downloaden en uit te voeren om uw verbinding te controleren.
Stap twee: Het product bijwerken vanaf het bedieningspaneel van de printer
Werk het product bij om ervoor te zorgen dat de webservices op uw product actueel zijn, inclusief alle ePrint-apps zodat deze beschikbaar zijn voor geplande afdruktaken. De stappen voor het bijwerken van het product hangen af van het type HP product dat u hebt. Neem de volgende stappen voor instructies over hoe u uw product kunt bijwerken vanaf het bedieningspaneel van uw HP product.
Typ uw productnummer in het zoekveld en klik op Volgende
. U moet mogelijk op uw model klikken in een lijst met vergelijkbare producten.
De pagina voor de productondersteuning wordt weergegeven.
Voer in het zoekveld "productupdates" of "productupdates verkrijgen" om te zoeken naar een document dat de specifieke stappen beschrijft om een productupdate uit te voeren op uw HP product.
Stap drie: Download beschikbare firmware-updates voor uw HP printer
Een firmware-update kan problemen met de draadloze verbinding verhelpen. Firmware-updates zijn ter download beschikbaar op internet. Volg deze stappen om een firmware-update voor uw product te verkrijgen:
OPMERKING:Firmware-updates verschillen van productupdates (die in de voorgaande stap werden genoemd). Zorg dat u beide typen updates uitvoert om zeker te zijn dat uw HP product de meest actuele functionaliteit heeft.
Typ uw productnummer in het zoekveld en klik op Volgende
. U moet mogelijk op uw model klikken in een lijst met vergelijkbare producten.
De pagina voor de productondersteuning wordt weergegeven.
Klik op Software en Driver Downloads
, selecteer uw besturingssysteem en klik op Volgende
.
Klik op het plusteken (

) naast
Firmware
om de firmware-updates te bekijken.
Klik op de firmware-update en voer daarna de instructies op het scherm uit om de firmware te downloaden en te installeren.
Stap vier: Een stroomreset op het HP product en de draadloze router uitvoeren en vervolgens de computer opnieuw opstarten
Neem de volgende stappen om een uw HP printer, de draadloze router en uw de computer uit te voeren.
Druk op de aan-uitknop (

) op de HP printer om deze uit te zetten.
Koppel het netsnoer los van de achterzijde van de HP printer.
Koppel het netsnoer los van de draadloze router.
Schakel de computer uit.
Wacht 30 seconden.
Sluit het netsnoer weer aan op de draadloze router.
Wacht 30 seconden of tot de router volledig ingeschakeld en gereed is.
Zet de computer weer aan.
Wacht totdat de computer is opgestart.
Sluit de stekker weer aan op de achterkant van de HP printer.
Schakel de printer weer in.
Stap vijf: De printer met het draadloze netwerk verbinden
Voor algemene informatie hoe u uw HP product met een draadloos netwerk verbindt, raadpleeg deze
stappen om uw draadloze printer voor te bereiden
. Of ga voor instructies voor het installeren van uw HP product in een draadloos netwerk naar
HP Klantenondersteuning
. Typ op de pagina HP Klantenservice uw productnummer in het zoekveld en zoek dan naar het toepasselijke ondersteuningsdocument voor het installeren van uw HP product in een draadloos netwerk.
Stap zes: Een statisch IP-adres aan uw printer toewijzen
Als uw computer regelmatig de verbinding met uw draadloze HP product kwijtraakt, dan kan dit mogelijk worden opgelost door het HP product een statisch IP-adres toe te wijzen. Dit adres zal niet na verloop van tijd veranderen en uw computer heeft er mogelijk minder moeite mee om het HP product te herkennen als het lange tijd niet werd gebruikt.
Voer de onderstaande stappen uit om een statisch IP-adres aan uw HP product toe te wijzen.
Raadpleeg de netwerkconfiguratiepagina of het testrapport van het draadloze netwerk dat u in Stap een hebt afgedrukt en zoek het IP-adres van het HP product op.
Open een nieuw webbrowserscherm en typ het IP-adres van het HP product in de adresbalk en druk vervolgens op Enter
. Er wordt een webpagina geopend die de interne instellingen van het HP product toont.
Klik op het tabblad Netwerk
, klik op het tabblad Draadloos
en klik op het tabblad IPv4
. (De indeling van uw menu kan ietwat afwijken, afhankelijk van uw model van het HP product.) Een nieuwe pagina met instellingen wordt getoond.
Voer de volgende wijzigingen in op de pagina die wordt getoond:
IP handmatig instellen
: Uw draadloze router stelt automatisch een IP-adres binnen een bepaalde reeks in (die de DHCP-reeks wordt genoemd). Als u weet wat de DHCP-reeks is, voer dan een IP-adres in waarvan de laatste set met nummers buiten die reeks valt, maar die niet hoger is dan 254. Zorg dat de eerste drie sets van nummers hetzelfde zijn als de DHCP-reeks. Als u de DHCP-reeks niet weet, selecteer dan een redelijk hoog IP-adres, bijvoorbeeld 250 (wederom alleen de laatste set nummers). Om te achterhalen wat de DHCP-reeks van uw router is, neem contact op met uw Internet Service Provider (ISP) of de fabrikant van de draadloze router.
Subnetadres instellen
: Gebruik 255.255.255.0, tenzij u weet dat het anders is. In dat geval gebruikt u het andere nummer.
Het gateway-adres en de eerste DNS instellen
: Voer het IP-adres van uw router in (u kunt dit op de netwerkconfiguratiepagina of het testrapport van het draadloze netwerk vinden).
OPMERKING:Laat het tweede DNS-veld leeg.
Klik op Toepassen
. Het scherm zal niet ververst worden. Als u het IP-adres van het HP product hebt veranderd ten opzichte van het adres dat u in de internetbrowser hebt ingevoerd, dan zult u het nieuwe IP-adres moeten invoeren om het HP product te kunnen benaderen. Als u het IP-adres van het HP product niet hebt veranderd, wacht dan 30 seconden nadat u op Toepassen hebt geklikt en klik dan op de knop Vernieuwen in uw browser.
Druk een nieuwe netwerkconfiguratiepagina (of testrapport van het draadloze netwerk) af vanaf het bedieningspaneel van uw HP product om te controleren of het IP-adres van het product overeenkomt met het adres dat u hebt ingevoerd.
Schakel de draadloze router uit. Als de draadloze router geen aan-uitknop heeft, koppel dan de voedingskabel van de router los om de router uit te schakelen.
Druk op de aan/uit-knop (

) om het HP product uit te schakelen.
Zet de draadloze router weer aan. Als de draadloze router geen aan-uitknop heeft, koppel dan de voedingskabel van de router weer vast om de router in te schakelen.
Druk op de aan/uit-knop (

) om het HP product weer in te schakelen.
Als u het IP-adres van het HP product hebt veranderd, dan kan het zijn dat u nog een extra stap moet nemen, afhankelijk van uw model printer (deze stap is alleen van toepassing voor Windows-gebruikers):
Open de HP map:
Klik op
Start
(

), klik op
Alle programma's
, klik op
HP
, klik op de map voor uw HP product en kijk of er een item met de naam
IP-adres bijwerken
tussenstaat.
Klik op het Windows-pictogram (

), klik op
Alle programma's
, klik op
HP
, klik op de map van uw HP product en kijk of er een item met de naam
IP-adres bijwerken
tussen staat.
Als het item IP-adres bijwerken niet
aanwezig is, dan hoeft u geen additionele stappen te nemen.
Als het item IP-adres bijwerken er wel
is, klik er dan op en voer het nieuwe IP-adres in dat u eerder in deze stappen had toegewezen.
Als uw HP product verbonden is met het draadloze netwerk en u kunt afdrukken en scannen
, dan hoeft u niet verder te gaan met de probleemoplossing.
Als uw HP product wel verbonden is met het draadloze netwerk, maar u niet kunt afdrukken of scannen
, ga dan verder met de volgende stap.
Stap zeven: Een hulpprogramma downloaden om het probleem automatisch op te lossen
Volg deze stappen om de HP Doctor voor afdrukken en scannen te downloaden en op uw computer te installeren.
OPMERKING:De HP Doctor voor afdrukken en scannen is mogelijk niet voor alle HP printers beschikbaar, met name niet voor oudere producten. Het is echter beschikbaar voor de meeste producten en in de meeste talen.Dit hulpprogramma is alleen beschikbaar voor Windows-besturingssystemen. Het hulpprogramma is niet beschikbaar voor Mac OS-besturingssystemen.
Klik hier om de HP Doctor voor afdrukken en scannen te downloaden.
Controleer of uw computer aan alle systeemvereisten voldoet en klik dan op Downloaden
.
Selecteer een van de volgende methoden om het hulpprogramma te downloaden als het dialoogvenster Beveiligingswaarschuwing
wordt geopend.
Als het dialoogvenster Beveiligingswaarschuwing
wordt geopend, klik dan op Uitvoeren
.
Als het dialoogvenster Downloaden voltooid
wordt weergegeven, klik dan op Uitvoeren
en klik nog een keer op Uitvoeren
in het dialoogvenster Beveiligingswaarschuwing
.
Als het dialoogvenster Beveiligingswaarschuwing
wordt geopend, klikt u op Opslaan
.
Als het venster Opslaan als
wordt geopend, blader dan naar uw Bureaublad en klik op Opslaan
.
Als het downloaden is voltooid, blader dan naar het opgeslagen bestand en dubbelklik op het bestand om het hulpprogramma uit te voeren.
De Doctor voor afdrukken en scannen wordt geopend, zoekt naar geïnstalleerde printers en geeft dan de lijst weer.
Figuur 1: Voorbeeldlijst met HP printers die zijn gevonden door het hulpprogramma

Stap acht: Het hulpprogramma uitvoeren
BELANGRIJK
: De HP Print and Scan Doctor helpt bij het oplossen van vaak voorkomende netwerkproblemen met printers. Dit hulpprogramma is slechts een hulpmiddel voor het oplossen van problemen en is niet ontworpen om alle netwerkproblemen op te lossen. |
Druk op de aan/uit-knop (

) om de printer in te schakelen als deze nog niet is ingeschakeld.
Selecteer uw HP product in de kolom Product
in de Doctor voor afdrukken en scannen, selecteer uw printer en klik op Volgende
.
Als uw printer niet op de lijst staat, schakel deze dan uit en weer in en klik vervolgens op Opnieuw
. Als uw printer nog steeds niet op de lijst staat, klik dan op Verbinden
.
De HP Print and Scan Doctor controleert de netwerkverbinding van de printer.
Als het hulpprogramma uw printer vindt en deze is verbonden met het netwerk, kunt u Afdrukprobleem oplossen
of Scanprobleem oplossen
selecteren om andere problemen op te lossen.
Als het hulpprogramma uw printer niet vindt of aangeeft dat deze niet is verbonden, gaat u verder naar de volgende stap.
Selecteer wanneer daarom wordt gevraagd de methode die u wilt gebruiken om uw printer met het netwerk te verbinden.
Het hulpprogramma biedt nuttige informatie om uw netwerkprinter in te stellen, zoals netwerkbeveiligingsinformatie en de huidige netwerkgegevens van de computer.
Volg de instructies op het scherm om netwerkproblemen te achterhalen en uw printer met het netwerk te verbinden.